Bronvermelding

Voor de volledigheid vermelden wij alle bronnen die gebruikt zijn voor het boek, omdat hiervan ook een groot deel is gebruikt voor de website.

Het onderzoek voor het boek werd verricht onder de stimulerende begeleiding van ing. J.H. Huizenga. Aan de basis stond dr. Dirk Jaap Noordam. Onmisbaar was de royale steun van openhartige ooggetuigen, deskundige ‘meelezers’ en vindingrijke medewerkers van diverse archieven en bibliotheken, met name in Leiden, Delft en Den Haag. Van bijzondere betekenis bleken de bijdragen van dr. Elisabeth van Blankenstein, prof. dr. J.C.H. (Hans) Blom, Karel Dusseldorp, Dick Hillenius, Noor Hillenius-Boersma, dr. G.W. (Pim) van der Meiden en drs. Ingrid W.L. Moerman.

Bronnen:
Regionaal Archief Leiden:
Archieven Hofjes, inventarisnummers 457, 458, 459, 460, 461, 465, 466, 467, 469, 470, 472, 473, 474,
nagekomen notulenboek.
Stadsarchief van Leiden 1574-1816 inv.nr. 974, 3016, 3467, 6180.
Archief van de stadsheerlijkheden en vroonwateren inv.nr. 382.
Inventaris van de oude notariële archieven van Leiden 783 (minuten notariële akten 1642-1669).
Oud notarieel archief Nicolaas Paets, 1640-1680 inv.nr. 671.
LB 774, 1748 Billijke Redenen.
Adresboeken (Herenboekjes) vanaf 1895.Centraal Bureau Genealogie Den Haag:
Collectie geboorte- en overlijdensadvertenties Tegel, van Roijen/ van Royen.
Fam. Coll. van Roijen (Royen) Vockestaert, Tegel.
Dossiers Paets.
Het leven van Gerard Amelisz. van Hoogeveen, heere der plaatse van deselve naam.
Depot coll 0001 vindplaats P/-/port/86.
Persoonskaart Adriaan J. van Roijen.Gemeente archief Delft:
Notarieel archief 161, nr. 3272, 3680.
Notarieel archief 2745 folio 1728.
Weeskamerarchief nr. 72 6 I no. 2.
Naamregister van de regeerders der stad Delft 38 E 19.
Magistraatslijsten stadsbestuur Memorialen v. Burg. Minuut 117.
Collectie v.d.Lely 176, inv.nr. 11.Thysiusblibliotheek Leiden Knuttel pamflettenverzameling no. 7686.Diverse kranten en periodieken alsmede de genealogische tijdschriften:
Nederlandse Heraut 1892.
Wapenheraut 1905.
Nederlandse Leeuw 1915, 1937, 1994.
Nederlands Patriciaat deel 3, 1915.
Nederlands Patriciaat 1985.

Literatuur:
P.J.M. de Baar, ‘Eva Aelbrechtsdr. van Hoogeveen en haar familie’. In: De Leidse Hofjes 13de jg. nr. 3 (december 1984) 61-67.
J.P. de Bie en M. Loosjes (red.), Biographisch woordenboek van Protestantse Godgeleerden. Deel 4 (Den Haag 1931).
J.C.H. Blom en E. Lamberts (red.), Geschiedenis van de Nederlanden. Derde druk (Baarn 2005).
F. Boersma, Dagboek van Nederland. Geschiedenis gezien door ooggetuigen (Amsterdam/Brussel 1984).
F. Boersma, Van wezen tot welzijn. 250 jaar Stichting Sint Maarten (Leiden/Lisse 1989).
A.J. van Dissel, ‘Zes inboedels uit het Eva van Hoogeveenshofje’. In: De Leidse Hofjes 13de jg. nr. 3 (december 1984) 82-108.
J.F. Dröge, ‘De bouwgeschiedenis van het Eva van Hoogeveenshofje’. In: De Leidse Hofjes 13de jg. nr. 3 (december 1984) 67-82.
R. Fruin, Het noorden op weg naar zelfstandigheid (Utrecht 1961).
C.D. Goudappel, Delftse historische sprokkelingen. Grepen uit de geschiedenis van Delft (Delft 1977).
H.M. van den Heuvel, De criminele vonnisboeken van Leiden 1533-1811 (Leiden 1977/ 1978).
J. de Jong, Een deftig bestaan. Het dagelijks leven van regenten in de 17de en 18de eeuw (Utrecht/Antwerpen 1987).
E.J. Jongkees, De Leidse Hofjes en hun bewoners (Leiden 1954; scriptie Sociale Wetenschappen).
Th.H. Lunsingh Scheurleer, C.W. Fock, A. van Dissel, Geschiedenis van een Leidse gracht. Het Rapenburg. Delen I-V (Leiden 1986).
R.C.J. van Maanen (red.), Leiden. De geschiedenis van een Hollandse stad. Vier delen (Leiden 2002/2004).
J. Mac Lean, Geschiedenis der gasverlichting in Nederland 1809-1850 (Zutphen 1977).
F. van Mieris, Beschrijving der stad Leiden (Leiden 1776).
P.C. Molhuysen, Rijks Geschiedkundige Publikatiën 1916/1920, delen 29, 38, 45, 53.
D.J. Noordam, Geringde buffels en heren van stand. Het patriciaat van Leiden 1574-1700 (Hilversum 1994).
L. Noordegraaf, De gave Gods, de pest in Holland vanaf de late middeleeuwen (Amsterdam 1996).
L. van Poelgeest en D.H.H. van Heest, ‘Leydenaars en hun heerlijke titels’. In: Leids Jaarboekje 75 (1983) 119-139.
M. Prak, Gezeten burgers. De elite in een Hollandse stad. Leiden 1700-1780 (z.p. 1985).
C.W. Roldanus, Coenraad van Beuningen: staatsman en libertijn (Den Haag 1931).
D.J. Roorda, Ambassadeur in de Lage Landen. William Temple, Observations upon the United Provinces (Haarlem 1978).
C. Schmidt, Om de eer van de familie. Het geslacht Teding van Berkhout 1500-1950 (Amsterdam 1986).
R.J. Spruit, De Leidse hofjes (Leiden 1969).
A. Verbout-Wamsteker, Zij hadden hun zinnen op de zee gezet (Leiden 1995; onuitgegeven doctoraalscriptie Geschiedenis).
J. Woltjer, De Leidse universiteit in verleden en heden (Leiden 1965).
D. Wijbenga, Delft een stad en haar bewoners. Deel III: 1700-1795 (Rijswijk z.j.).

Mortensen, ‘Het Nederlandse hofje van liefdadigheid. Stichters en bouwers van liefdadigheidshofjes in Haarlem, Leiden en Amsterdam uit de zeventiende en achttiende eeuw.’ Batchelor eindwerkstuk kunstgeschiedenis, Universiteit Leiden. (2018).

Looijesteijn, ‘Hofjes als paleizen. Stichters, bouwers en bewoners in de 17de en 18de eeuw’, (Den Haag: Van Stockum 2014).